Vorige Menu Volgende

Deuren met 'iets'


Het fotograferen is bij mij begonnen in ongeveer 1960 in Griekenland. De onderwerpen lagen daar voor het opscheppen. Eerst fotografeerde ik er alleen mensen, maar niet veel later ook dingen waarachter de mens niet letterlijk maar figuurlijk zichtbaar was: deuren, ramen, sloten. Omdat alles er daar anders uitzag dan hier, nodigde het uit om te fotograferen.

Maar waardoor zagen deuren, ramen, sloten er daar anders uit? Door gebrek aan geld? Door onverschilligheid? Door gebrek aan respect voor het eigendom? Door luiheid van de huisbezitter? Gebrek aan tijd om iets aan onderhoud te doen? Ik denk nu dat het door onverschilligheid was. Hoe iets eruitzag interesseerde de Griek niet zo zeer, als het maar functioneerde. Geld, als het er al was, werd liever uitgegeven aan het goede leven dan aan verf. Die instelling is nu mede onder invloed van het toerisme aan het veranderen.

De gemiddelde toerist wil alleen maar in luxe ontvangen worden. En ook de Griek zelf wil liever in een modern huis met alle gemakken wonen dan in een fotogenieke halve ruïne met slechtsluitende deuren en ramen. De oude huizen worden in hoog tempo gesloopt om plaats te maken voor betonnen nieuwbouw. Alleen in het binnenland van Griekenland zijn nog oude, bijna vervallen huizen met krakkemikkige deuren en ramen te vinden en zelfs daar moet je er echt naar zoeken.

Er wordt ook wel gerestaureerd, maar dan op een manier die geen recht doet aan het Griekse verleden. Er blijft nauwelijks iets van de typische Griekse huizenbouw bewaard. Restaureren betekent namelijk in de meeste gevallen dat er aan de buitenzijde van het gebouw een laag beton overheen gesmeerd wordt. Dat gebeurt veel met de kerkjes op Kreta. Er worden zelfs bakstenen Byzantijnse kerkjes achter het beton verstopt. Dat er gerestaureerd wordt is een goede zaak, want er dreigden grote hoeveelheden schitterende fresco's door instorting en vocht verloren te gaan. Helaas zijn nu veel van de vroeger pittoreske gebouwtjes verworden tot gladde, nietszeggende, witte betonkubussen.

Niet alleen fotografeerde ik vanaf mijn eerste bezoek aan Griekenland, ondertussen verzamelde ik ook fanatiek oude sleutels en sloten. Alle mogelijke soorten: van houten sloten uit Jemen met een houten 'tandenborstel' als sleutel tot gemene sloten om de knieën van dromedarissen mee op slot te zetten; van enorme ijzeren sloten uit de Middeleeuwen tot huissloten van door aardbevingen ingestorte en verlaten huizen. (Ik heb, merk ik bij het opschrijven nu, meer vreemde hobby's dan fotograferen!)

Op den duur kreeg ik hele fotoboeken vol met alleen maar deuren en ramen, foto's daarvan bedoel ik. Die foto's gebruikte ik ook voor kerst- en nieuwjaarskaartjes met een toepasselijke tekst erbij.

Tegenwoordig fotografeer ik nog steeds deuren en ramen, maar dan gaat het voornamelijk om details: de kleur, de schoonheid van het verweerde hout, de afgebladderde verf, de verroeste sloten. Als ik de foto's bekijk, merk ik dat ik kennelijk val op het verval: de roest, de houtrot, de verveloosheid, het resultaat van het gebruik. Voor mij geen strakke, groen met wit geschilderde deuren uit de Zaanstreek, noch fraai gelakte, Slavonisch eikenhouten deuren van villa's in Wassenaar of Bloemendaal. Misschien een idee om ook die deuren eens langs te gaan!

Meer van dit soort foto's vindt u in de rubriek En masse: Deuren met 'iets' (en masse).

© Ben de Graaf Bierbrauwer
Reacties naar benilse@quicknet.nl